Europe’s best kept secret: de Azoren – São Miguel (part 1)

Op zoek naar de ultieme vakantiebestemming binnen Europa? Je wil niet te ver vliegen, maar wel op het strand liggen buiten het hoogseizoen. Je houdt van prachtige natuur, maar niet van hordes toeristen om je heen en doet het goed bij een steady temperatuur van ongeveer 25 graden? Dan zijn de Portugese Azoren absoluut the place to be. Ik had het geluk afgelopen september twee weken op deze Portugese eilandengroep te mogen vertoeven en deel in deze blog met je welke eilanden echt een bezoek waard zijn, waar je het beste kunt overnachten en eten en welke hotspots je niet mag overslaan. Ik trap deze serie af met São Miguel, het grootste eiland.

Hoe kom je er?

Wat je bestemming ook is binnen de Azoren, om het grootste eiland kun je niet heen. Wij belandden hier na een vlucht met TAP Air Portugal vanuit Lissabon, maar je kunt er ook rechtstreeks vanaf Amsterdam heenvliegen met TUI (dan ben je wel wat meer geld kwijt, maar gemak is ook wat waard). Je kunt het beste op het vliegveld direct een auto huren, zodat je kunt gaan en staan waar je wilt op het eiland. Wij deden dat bij Ilha Verde Rent a Car (https://www.ilhaverde.com/pt/) en het voordeel van dit bedrijf is dat je maar één keer borg hoeft te betalen en er op elk eiland weer een nieuwe bolide voor je klaar staat.

Slapen in Capelas

Wij verbleven tijdens ons bezoek aan Sao Miguel in een geweldig appartementje, Casa do Monte, in de buurt van Capelas, een dorpje aan de noordkant van het eiland waar vroeger de walvisvaart een grote rol speelde. Het uitzicht vanuit het kleine gele huisje aan het zwembad  is adembenemend, de keuken in het appartement superfijn en de gastvrouw overlaadt je met wel 100 tips over waar je in de buurt het beste kan gaan zwemmen en eten. Die tips deel ik in dit blog graag met je.  http://www.casadomonte-capelas.com

Lunchen, borrelen en dineren op het eiland

Eten deden wij in Capelas bij het door locals goed bezochte restaurant Canto do Cais. Je zit hier op houten banken gezellig naast elkaar en de gerechten met vlees of vis worden op grote plateaus met fruit opgediend.  Aangezien Capelas slechts drie restaurantjes kent, is dit wel een tip als je moe bent van het sightseeën en dichtbij huis een hapje  wil eten.

In het dorpje even verderop, Santo António, kun je voor lunch of diner terecht in het trendy restaurant 4 Plátanos met uitzicht op de oceaan. http://www.4platanos.com

Zo’n twintig minuten rijden van het huisje vindt je midden op een industrieterrein Restaurante Associacão Agrícola. Laat je niet afschrikken door het fabriekhalachtige uiterlijk en de grote eetzaal, want je eet hier de beste steaks van het eiland voor een schappelijk prijsje. Er wordt goede rode wijn bij geserveerd en de toetjes zijn ook zeker het proberen waard. http://www.restauranteaasm.com

In Ponta Delgada liepen wij bij toeval tegen een superleuke koffiebar annex lunchcafé aan, Cafetaria Armazéns Cogumbreiro. Dit is een van de weinige plekken op het eiland waar je een heerlijk verse salade of quiche kunt bestellen en de huisgemaakte taartjes en koffies zijn ook niet te versmaden. Het ziet er binnen ook nog eens prachtig uit. Zoek dit tentje op op Facebook, want ze hebben geen website.

Een aanrader als het echt lekker weer is, is strandtent Tuká Tulá in Ribeira Grande. Je kunt hier met een drankje heerlijk uit de wind zitten en genieten van de zonsondergang. De hamburger en gamba’s smaakten ons prima en er heerst hier echt een heerlijk relaxte vibe.  De prijzen zijn ook nog eens zeer vriendelijk, dus waar wacht je nog op? http://www.touristicmaps.com/tukatula/en.php]

Ook leuk in Ribeira Grande is het terras van O Alabote, vlakbij het zwembad aan zee. Dit is een populaire hang-out van de locals, waar ze goede gin tonics maken. https://www.alabote.net

Als je in de buurt bent van Furnas, ga dan absoluut lunchen bij het Terra Nostra Garden Restaurant. Het is een stuk chiquer dan de andere restaurants op het eiland,  de tafels zijn gedekt met wit linnen en de obers lopen in deftige pakken rond, en dus ook wat duurder, maar je wordt heerlijk  in de watten gelegd. Ook in je toeristenkloffie ben je hier meer dan welkom. Wij aten hier de bekende stoofpot cozido die vier uur lang kookt in de vulkanisch verwarmde grond, bijzonder! De daarbij geserveerde witte wijn was heerlijk. Bijkomend voordeel: bij het afrekenen werd ons gevraagd of we nog van plan waren om een bezoek te brengen aan de tuin van Terra Nostra en kregen we daarvoor gratis toegangskaartjes.

Must see: Sete Cidades

Op de to do list van iedereen die São Miguel bezoekt staat dit uitstapje bovenaan: een tripje richting het dorp Sete Cidades en de ten oosten daarvan gelegen beroemde caldeira met zijn twee meren. Het dorp Sete Cidades (letterlijk: Zeven Steden) is vernoemd naar de 7 kraters die bij vulkaanuitbarstingen ontstonden en de 7 meren in dit gebied. Je kunt het beste hiernaartoe gaan als je een dagje helder weer hebt, want anders loop je het risico dat de uitzichtpunten gehuld zijn in een dikke mist. Bij het uitzichtpunt Visto do Rei maak je het bekende en zeer instagramwaardige plaatje van Sete Cidades met zijn twee kratermeren. Loop ook zeker even de verlaten betonnen hotelkolos erboven binnen, vanuit de oude verlaten hotelkamers heb je namelijk het allerbeste uitzicht op de prachtige meren.

Must do: Furnas

Ga zeker ook op een dagtrip naar Furnas. Het stadje ligt zo’n 300 meter boven de zeespiegel en is bijzonder omdat je er warme en koude minerale bronnen naast elkaar hebt. De caldeiras of fumerolen (openingen in de aardkorst waaruit hete gassen ontsnappen) zijn het coolst. De plek waar je deze het beste kunt bewonderen is die ten noordwesten van het meer. Over houten bruggetjes loop je veilig langs de kookgaten. Zorg dat je hier rond een uur 12.00 bent, want dagelijks om half één worden de ingegraven kookpotten voor de restaurants omhoog gehaald.

Naast de fumerolen is de tuin van Terra Nostra ook een bezoek waard. De tuin staat vol bijzondere planten, bloemen en bomen en je kunt er heerlijk wandelen. In het hart van de tuin tref je een enorme thermale poel met roestkleurig water die wordt gevoed door een natuurlijke warme bron. De kleur van het water is te danken aan het hoge ijzeroxidegehalte.  Wil je net als de vrogere kuuroordgasten hier een bad nemen in het heerlijke warme water? Neem dan wel oude zwemkleding mee, want je krijgt de rode kleur moeilijk uitgewassen.

Wanneer je Furnas verlaat, stop dan even op de plaatselijke berg bij het uitzichtpunt Pico do Ferro. Het is een fantastisch punt met uitzicht op de fumarolen, de caldeiras, het meer en het dorp. Je komt er zittend op een muurtje helemaal tot rust.

Noordwestkust

Heb je nog meer tijd op het eiland? Dan is het leuk om de noorwestkust wat beter te bekijken. Ponta da Ferraria is een fajã met warme zwavelbaden in zee, ontstaan door een lavastroom uit de vulkaankegel Pico das Camarinhas. Een bochtige weg leidt je helemaal naar beneden waar je een luxe spa treft. Daar badderen is erg duur, maar buiten tussen de zwarte rotsen kun je ook prima gratis een duik nemen.  Het bargedeelte van de spa is overigens wel zeer geschikt voor een snelle, lekkere lunch.

Het vissersdorpje Mosteiros is ook zeker een bezoek waard. Je kunt er zwemmen in de natuurlijke baden tussen de rotsen, maar de dorpskern is ook leuk voor een wandeling. Alle basiskleuren van de huisjes op São Miguel tref je aan in de bebouwing rond het kerkplein, waar een muziektent in het midden verraad dat ze hier wel van een feestje houden.  Je kunt in bar Marisque tegenover de muziektent lekkere koffie en pasteitjes krijgen.